Dit weet je na het lezen van dit artikel
- Verduurzamen vraagt maatwerk en timing. Bolletje experimenteert met hybride ovens, waterstof en biogas, maar ziet dat schaalbare alternatieven nog beperkt beschikbaar zijn.
- Duurzaamheid raakt alle afdelingen. Bij Bolletje is duurzaamheid breed belegd: van SHE-Q tot finance.
- Scope 3-impact vraagt ketensamenwerking: de grootste duurzaamheidsimpact ligt bij de teelt van graan. Bolletje stimuleert duurzame landbouw, maar heeft beperkte directe invloed.
- Niet uit de markt prijzen: verduurzamen is noodzakelijk, maar Bolletje bewaakt de balans tussen idealen en financiële haalbaarheid.
Bolletje begon in 2019 met de strategie genaamd Bolletje Bewust. “Al lang voordat de CSRD-richtlijn zijn intrede deed”, zegt Veld. “We wilden als merk onze verantwoordelijkheid nemen. Niet alleen richting onze medewerkers en consumenten, maar ook richting de bredere keten.” Die vroege start gaf het bedrijf een voorsprong toen de CSRD en andere rapportageverplichtingen opkwamen. Scholten vult aan: “De CSRD heeft het proces versneld, maar we waren al bezig met analyses en strategische gesprekken. De gevraagde materialiteitsanalyse van de CSRD bracht verdieping: we koppelden interne inzichten aan externe ontwikkelingen en toetsten die aan onze meerjarenstrategie.”
Niet uit de markt prijzen
De EU gaf met het Omnibuspakket uitstel van de verplichte duurzaamheidsrapportage (CSRD) met twee jaar. Dat betekent ook dat Bolletje nu nog niet aan de CSRD hoeft te voldoen. Scholten: “We benutten de extra tijd om onze duurzame strategie te implementeren. Een van de belangrijkste stappen is het concreet vaststellen van onze CO2-doelen, inclusief reductieplannen.” Dat is nog niet zo makkelijk, benadrukt Veld. “Aan de ene kant moeten we verduurzamen. Niet alleen omdat we dit zelf willen, maar ook omdat retailers steeds nadrukkelijker bezig zijn met verduurzaming van de keten. En ook de consument kijkt hier steeds meer naar. Tegelijkertijd is het moeilijke dat we onszelf niet uit de markt moeten prijzen.
“Daarnaast liggen alternatieve energiebronnen voor ons productieproces niet voor het oprapen, of zijn onvoldoende op grote schaal aanwezig. Desondanks blijven we zoeken naar oplossingen. We blijven experimenteren en hopen dat voortschrijdend inzicht en ontwikkelingen in de technologie ons helpen.”
Gasverbruik van de ovens
De grootste interne emissiebron bij Bolletje is het gasverbruik van de ovens. “Logisch”, zegt Scholten. “Daar gaat veel hitte in.” Elektrificatie is een optie, maar kent zijn beperkingen. “Afbakken kan vaak wel elektrisch, maar voor de initiële 'hitteboost' blijft gas nodig.” Daarom onderzoekt Bolletje de mogelijkheden van hybride ovens, dus deels op biogas en waterstof. “We zijn aangesloten bij de H2Hub in Almelo”, vertelt Veld. “Dat is een fysieke plek waar ondernemers en onderwijs samenwerken aan onderzoek, ontwikkeling en toepassing van waterstoftechnologie. Samen met hen kijken we of we waterstof kunnen bijmengen. Ook onderzoeken we of we biogas van lokale producenten kunnen gebruiken. Belangrijk om te vermelden daarbij: de hoeveelheden die wij nodig hebben, zijn niet zodanig voorhanden dat we daar de continuïteit van het productieproces mee kunnen garanderen. Maar dat ontslaat ons niet van de plicht om de eerste stappen te zetten.”
De zoektocht is niet eenvoudig. “Je kunt niet op één paard wedden”, zegt Veld. “Technologie is nog niet op grote schaal beschikbaar, subsidie van de overheid is onzeker en netcongestie speelt een grote rol. Bijvoorbeeld: elektrificatie van ons productieproces betekent een forse toename van onze stroomvraag. Is het netwerk daar klaar voor? Nou nee. Niet op dit moment.”
Continuïteit waarborgen
De duurzaamheidscoördinator bij Bolletje valt formeel onder de kwaliteitsafdeling (SHE-Q). “Maar duurzaamheid is breed in de organisatie belegd”, aldus Veld. “In onze meerjarenbedrijfsstrategie is het een belangrijke pijler. Met daarbinnen thema’s zoals ketenverantwoordelijkheid en energietransitie. De verantwoordelijkheid voor deze thema’s liggen bij de verschillende afdelingen. Daardoor krijgt duurzaamheid binnen het hele bedrijf de aandacht.”
Bovendien zijn er de lijnen naar finance. “We hebben een businesscontroller die duurzaamheid mee oppakt”, vertelt Veld. “Een collega die goed samenwerkt met Giel. Zo ontstaat een duo dat de inhoud aan de cijfers kan verbinden.” Scholten voegt toe: “Ik probeer duurzaamheid altijd breder te benaderen. Het raakt niet alleen milieu, maar ook kwaliteit, beschikbaarheid en prijzen van grondstoffen. Als we nu investeren in duurzamere ketens, kunnen we op termijn risico’s vermijden. Zoals waterschaarste of te hoge energieprijzen.”
Veld erkent dat er soms spanning is tussen idealen en financiële haalbaarheid. “Als CFO bewaak ik de risicobeheersing en ben ik voorzichtiger. Zonder het ondernemerschap te verliezen. Grote investeringen met veel onzekerheid zijn lastig. Maar we weten ook dat we moeten verduurzamen om continuïteit te waarborgen. Immers, retailers eisen dat van ons, evenals de eindgebruiker van onze producten.”
Duurzame energie
Bolletje ziet kansen in waterstof, biogas, hybride ovens en ketensamenwerking. Maar veel staat nog in de kinderschoenen. “We willen experimenteren”, zegt Scholten. “Maar het is in ons geval een kwestie van timing: wanneer kunnen we stappen zetten?” Veld: “We kijken ook naar alternatieve energieopwekking, zoals het - al dan niet tijdelijk - inzetten van biomassa. Maar dat moet wel duurzaam zijn. Geen bomen kappen voor energie, maar echt gebruikmaken van reststromen.”

Duurzame energie
Ook zonnepanelen op de daken van productielocaties zijn onderzocht, maar bleken risicovol. Veld: “Verzekeraars zijn terughoudend om ons te verzekeren. De ovens zitten dan onder de panelen en dat levert een brandrisico op. Daarom sluiten we liever aan bij zonneparken en windmolenparken. We zijn nu aan het uitzoeken welke parken dat kunnen worden. Het is de bedoeling daar een deel van onze elektrificatie mee te organiseren. Let wel, vanwege de wisselvalligheid van wind en zon moeten we altijd kunnen terugvallen op grijze stroom. Maar daar waar wind en zon vallen in te passen, doen we dat zeker.”
Telen van graan
Uit de materialiteitsanalyse voor de CSRD blijkt dat, naast de impact van industriële ovens, er een grote impact ligt in scope 3. “Onze grootste impact ligt bij het telen van ingrediënten zoals graan”, zegt Scholten. “Daar hebben we minder directe invloed op.” Bolletje stimuleert leveranciers tot duurzame teelt, maar dat is pionieren. Veld: “Je wilt CO2-uitstoot verlagen, maar graan is de basis van ons product. Alternatieven zijn er maar beperkt. We kijken wel naar de afstand ten opzichte van de productielocatie, de teeltwijze en het energiegebruik bij het malen. Daar valt CO2-winst te behalen. Maar uiteindelijk moeten we ook betaalbare producten blijven maken.” Scholten: “Je wilt verduurzamen, maar ook de beschikbaarheid en kwaliteit behouden. Daarom kijken we vooruit en schetsen we scenario’s om risico’s te managen. Bijvoorbeeld: wat als regio’s waar water schaarser is, minder geschikt worden voor de teelt van ingrediënten? Dan moeten we nu al nadenken over alternatieven.”
Geen rechte lijn
De route van strategische doelen naar concrete maatregelen is bij Bolletje geen rechte lijn. “Het is een heen-en-weer-beweging”, zegt Scholten. “We toetsen inzichten aan materialiteit, koppelen die aan impactanalyses en brengen ze terug naar de strategie. Daar zijn we op dit moment mee bezig. Daarbij moet je soms ook pragmatisch zijn. Als een oven aan vervanging toe is, kies je simpelweg voor een variant met een lager energieverbruik. Dat is in de marge, maar daarmee zet je wel stapjes.”
Scholten: “En we sluiten aan bij initiatieven, zoals energiehubs.” Veld: “Het idee van energie delen op piek- en dalmomenten is aantrekkelijk, maar de contractuele en infrastructurele realiteit is weerbarstig. Bedrijven zijn gehecht aan hun eigen energiecontract en vrezen dat ze dat contract kwijt zijn als ze in een energiehub stappen. Bedrijven vrezen ook volumeverlies als de groep niet functioneert, en het opzeggen van bestaande contracten brengt onzekerheid. Daarnaast kan een energie-intensieve deelnemer die toetreedt de balans in zo’n hub verstoren. In Zwolle zijn er wel initiatieven, zoals op bedrijventerrein Hessenpoort, maar het blijft pionieren.”

Energiecontract
Retailers zijn belangrijk voor Bolletje. “Zij vragen ons hoe we omgaan met duurzaamheid”, aldus Veld. “Dat komt deels vanuit hun eigen CSRD-verplichtingen, maar ook vanuit imago richting consumenten. Maar we zijn onze plannen zorgvuldig aan het opbouwen. We willen geen 'greenwashing'. Als we iets zeggen, moeten we het ook kunnen waarmaken. Daarom werken we liever ons eigen plan uit dan blind het 'Science Based Targets initiative' te volgen. Die sluit - op basis van onze huidige ervaringen - niet altijd aan bij de realiteit van de sector en de praktische haalbaarheid van alternatieven. Dat neemt niet weg dat we de voorgeschreven route van het SBTi bij het neerzetten van de targets wel meenemen.”
Geduld hebben
Bolletje bevindt zich midden in de energietransitie. De samenwerking tussen de CFO en Sustainability Officer is cruciaal om stappen te zetten die zowel duurzaam als haalbaar zijn. “Het is geen eenvoudige weg, maar wel een noodzakelijke”, zegt Scholten. “Met experimenteren, timing en samenwerken zoeken we naar de juiste aanpak.” Veld vat het samen: “‘We willen een duurzame strategie. Een die op verschillende vlakken waarde creëert én werkt aan het voortbestaan van Bolletje als relevant merk. Dat vraagt keuzes, afwegingen en vaak ook geduld. Zeker in onze branche ligt er namelijk geen schaalbare oplossing voor de energietransitie voor het oprapen. Bovendien is de richting van het voedselsysteem en de teelt van ingrediënten nog verre van uitgekristalliseerd.”








