Zet het thema leiderschap met enige regelmaat op de agenda. Wat voor soort leiderschap heeft de organisatie nodig en wat is de rol van de or daarbij? Niet om de bestuurder gelijk naar huis te sturen, maar om het begrip leiderschap beter in te vullen. Dit leidt uiteindelijk tot meer vertrouwen en een betere samenwerking tussen de bestuurder en de or.
Het is goed om onderscheid te maken tussen leiderschap en management. Bij management gaat het om de dingen goed doen en bij leiderschap om de goede dingen doen. Voor een leider is het de uitdaging een context te creëren waarbinnen medewerkers maximaal kunnen presteren. Vertrouwen in de leider en van de leider in de medewerkers speelt daarbij een belangrijke rol. Het gaat niet om het hebben van een baas. Het gaat om het krijgen van steun om baas over je eigen leven te worden. Een or kan aan de slag als er een keuze is gemaakt voor het soort leiderschap waaraan behoefte is.
In 2002 was het boek ‘Hoe word ik een rat’ een bestseller. Hierin laat de schrijver zien dat je met liegen en bedriegen verder komt. Natuurlijk moet de leider het goede niet achterwege laten als dat mogelijk is, maar hij moet ook in staat zijn over te stappen op het kwade als de omstandigheden daartoe dwingen. Je kunt je voorstellen dat een or die de rattenmetafoor voor waar houdt, argwanend naar de leiding kijkt en zijn strategie daarop aanpast. Er zal veelvuldig gebruikgemaakt worden van art. 25, 27 en van 31 (informatierecht) als:
- de bestuurder geen informatie geeft, dan verzwijgt hij zaken;
- hij enige informatie geeft, dan houdt hij waarschijnlijk informatie achter of sterker nog de informatie klopt niet;
- de bestuurder erg scheutig is met informatie moet je daar ook wat achter zoeken. Hij geeft veel om bijvoorbeeld de essentie te verbloemen.
Door een argwanende positie wordt het klimaat tussen de bestuurder en de or steeds killer. Er is wel overleg, maar het gaat nergens over. Er is gehakketak over details terwijl in feite het vertrouwen in elkaar weg is.
Een or die de belangen van de medewerkers en van de organisatie behartigt, moet zich richten op moreel leiderschap. Van een leider mag verwacht worden dat hij handelt vanuit zuivere intenties. Natuurlijk komt hij daarbij (morele) dilemma’s tegen. Het gaat erom dat een ieder recht in de spiegel kan kijken en naar eer en geweten heeft gehandeld. Een or die vanuit dit beeld naar leiderschap kijkt, handelt vanuit vertrouwen. Het wetboek ligt bij het overleg niet op tafel.












